Zoek site
Mijn account bij de Glutenvrije Webshop Winkelwagen - Eenvoudig online uw glutenvrije producten bestellen Afrekenen op de Glutenvrije Webshop Aanmelden

mijn winkelwagen

U heeft geen artikelen in uw winkelwagen.

nieuwsbrief

Nieuwsbrief

facebook

glutenvrije diepvriesproducten

Overzicht van glutenvrije diepvriesproducten

Coeliakie

Wat is Coeliakie

Coeliakie is een intolerantie, lees onverdraagzaamheid, voor gluten, de in alcohol oplosbare eiwitfractie van tarwe, haver, rogge, gerst, spelt en kamut.

Bij mensen met coeliakie veroorzaakt voedsel dat gluten bevat, beschadiging van het slijmvlies van de dunne darm. Daardoor kan de darm zijn werk niet goed meer doen. Een gezonde dunne darm heeft aan de binnenkant een groot aantal darmvlokken, die samen een enorm oppervlak voor voedselopname vormen. De darmvlokken van een coeliakiepatiënt kunnen geen gluten verdragen. Ze worden erdoor kapot gemaakt (vlokatrofie), waardoor een slechte opname van de bouwstoffen uit het voedsel kan ontstaan. Het lichaam heeft deze bouwstoffen nodig om normaal te kunnen functioneren en bij kinderen tevens om te groeien.

Niet opgenomen bouwstoffen verlaten met de ontlasting weer het lichaam. Als gevolg hiervan kunnen klachten ontstaan als diarree, verstopping, groeistoornissen, humeurigheid en vermoeidheid. Ook kunnen tekorten ontstaan aan onder meer vitamines en ijzer. De enige manier om deze klachten te voorkomen of te bestrijden is het volgen van een dieet waarin gluten niet voorkomt. Dankzij het glutenvrije dieet kan het dunne darmslijmvlies zich herstellen. Heeft men eenmaal een overgevoeligheid voor gluten, dan blijft die het hele leven bestaan. Telkens wanneer de darmwand met gluten in aanraking komt, ontstaat er een beschadiging. Het dieet moet men dan ook het hele leven blijven volgen. Bij niet behandelde coeliakie bestaat een verhoogde kans op complicaties, zoals onder andere verminderde fertiliteit, miskramen, botontkalking, neurologische en psychische problemen.

Dermatitis herpetiformis is een aan coeliakie verwante aandoening. Het wordt ook wel 'coeliakie' van de huid genoemd. Ook deze ziekte ontstaat door een overgevoeligheid voor gluten. De behandeling van dermatitis herpetiformis bestaat, naast gerichte medicatie, uit het volgen van een glutenvrij dieet.

Oorzaak

De aandoening coeliakie is al sinds de vorige eeuw bekend, de oorzaak bleef lange tijd een raadsel. De Nederlandse kinderarts Karel Dicke ontdekte in de jaren 40 dat gluteninname nadelig is voor mensen met coeliakie.

Gluten bestaat uit glutenine en gliadine. Bij coeliakie leveren de gliadinefracties de problemen op. Waarom inname van gluten bij sommige mensen problemen geeft, is nog niet precies bekend.

Klachten

Kinderen met de klassieke vorm van coeliakie presenteren zich vóór de leeftijd van twee jaar met diarree, slechte groei, platte billen en een bolle buik. Tegenwoordig blijkt dat de verschijningsvorm, zowel bij kinderen als bij volwassenen, verandert: men kan zich presenteren met een enkel symptoom als buikpijn, obstipatie, kleine lengte, verlate puberteit, bloedarmoede of soms kan men zelfs zonder klachten zijn.

Bij kinderen beginnen de klachten meestal kort nadat ze voor het eerst voedsel met granen eten. Wordt coeliakie op latere leeftijd vastgesteld, dan kan blijken dat de overgevoeligheid voor gluten zich pas later heeft ontwikkeld. Waarschijnlijk is echter dat deze mensen de aandoening al hun hele leven hebben, maar doordat zij zo weinig klachten hadden, is er nooit aan coeliakie gedacht.

Klachten of verschijnselen kunnen zich globaal in twee hoofdgroepen voordoen: als gevolg van voedingstekorten en als gevolg van een minder goede werking van de darmwand.

De meest voorkomende verschijnselen van coeliakie zijn:

  • chronische diarree
  • smeuïge, stinkende ontlasting
  • overmatige ontlasting
  • huilerigheid, depressiviteit
  • ondergewicht, dunne armen en benen
  • groeistoornissen bij jonge kinderen
  • opgezette buik
  • verstopping
  • bloedarmoede
  • weinig eetlust
  • overgeven
  • botontkalking

Gewrichtsproblemen, zoals reumatoïde artritis, een verstoorde vochthuishouding (droge ogen) zoals het syndroom van Sjögren, kunnen aanleiding vormen om op coeliakie te onderzoeken.

Bepaalde aandoeningen treden veelvuldiger op samen met coeliakie. Zo kan een aantal mensen met coeliakie niet tegen melksuiker (lactose). Dit wordt ook wel lactose intolerantie genoemd. Deze mensen moeten niet alleen een dieet volgen dat geen gluten bevat, maar dat ook weinig lactose bevat. Dit lactosebeperkt dieet is meestal tijdelijk. Als de darmwand zich heeft hersteld, kan worden gestopt met de lactose beperking.

Bij mensen met coeliakie komt vaker diabetes (suikerziekte) voor dan bij de rest van de bevolking. Ook bepaalde schildklierafwijkingen (een te snelle werking van de schildklier) komt meer bij coeliakiepatiënten voor; er is evenwel geen sterk verband gevonden. Coeliakie wordt bovendien iets frequenter gezien bij mensen met het syndroom van Down. Zij hebben overigens vaker last van aandoeningen die met een verstoring van het afweersysteem te maken hebben.

Diagnose

De enige zekerheid dat iemand coeliakie heeft, geeft een dunne darmbiopsie. De behandelend arts gaat hiertoe over nadat laboratoriumonderzoek en eventueel aanvullende testen aanleiding geven om aan coeliakie te denken. Bij een dunne darmbiopsie wordt een dunne buigzame buis via de mond ingebracht in de dunne darm. Met een soort pak-tangetje worden kleine stukjes weefsel van de dunne darmwand weggenomen en onderzocht. Als darmvlokken ontbreken of ernstig beschadigd zijn, is het vermoeden van coeliakie bevestigd. Het is dan noodzakelijk om met een glutenvrij dieet te beginnen, zodat het darmslijmvlies zich kan herstellen. Wanneer iemand geruime tijd een glutenvrij dieet heeft gevolgd, wordt een tweede biopsie uitgevoerd om te zien of het dieet succes heeft en de darm zich hersteld heeft.

Vooral voor kinderen (en soms voor volwassenen) kan een biopsie een vervelend onderzoek zijn. Daarom is het belangrijk dat een ouder bij dit onderzoek aanwezig is. In Nederland zijn naar schatting 80.000 coeliakiepatiënten. Helaas weten veel mensen nog niet dat ze de ziekte hebben. Het gevolg is dat ze jaar in jaar uit bij artsen op bezoek blijven gaan met allerlei klachten.

Er zijn twee leeftijdscategorieën waarin coeliakie het meest geconstateerd wordt. De eerste 'piek' valt tussen het zesde en tiende jaar, de tweede tussen de twintig en veertig jaar. Mogelijk heeft deze tweede groep al van jongs af aan coeliakie, doch komen de klachten pas later duidelijk naar voren.

Erfelijkheid speelt bij coeliakie een rol, maar in welke mate is nog niet bekend. Kinderen van ouders met coeliakie hebben niet altijd coeliakie en omgekeerd. Wel is bekend dat er erfelijke componenten van belang zijn. Naaste familieleden van iemand met coeliakie lopen een groter risico om zelf ook coeliakie te hebben. Broers en zussen van iemand met coeliakie hebben tien procent kans de aandoening te krijgen. Soms wordt dit, omdat ze heel lichte klachten hebben, bij hen niet opgemerkt.

Meer informatie

Meer informatie over coeliake kunt u verkrijgen bij de Nederlandse Coeliakie Vereniging.

http://www.coeliakievereniging.nl/